Afdrukken
Details: Hoofdcategorie: 1942-1950. Acties in Nederlands-Indië Categorie: The Immortal Regiment | Gepubliceerd: 09 augustus 2020

 

116583599 135739158196500 2936569528233003963 o


Het "Indië-onderzoek"

Als bepaalde onderzoekers zo makkelijk een brugje leggen tussen oorlogsvrijwilligers en oorlogsmisdadigers dan is de vraag de volgende. Statistiek is bij het historisch onderzoek een belangrijk ondersteunend hulpmiddel maar dat moet goed worden gebruikt. Alle oorlogsvrijwilligers (zo'n 25.000 in de periode 1945-1946) bombarderen tot misdadigers is alleen al statistische gezien onzin.

Je doet onderzoek en binnen dat onderzoek gebruik je statistische gegevens. Dat dient zorgvuldig te gebeuren. Eén van mijn hoogleraren zei tijdens mijn studie dat als een man met één blote voet op een hete kachel staat en één blote voet in de diepvries dan gaat het statistisch goed maar hij heeft aan allebei de kanten een probleem.

25.000 oorlogsvrijwilligers die minimaal twee jaar werden ingezet: dat zijn toch 25.000 x 730 dagen maken 18 miljoen 250.000 dagen inzet. Dat zijn dan toch al gauw heel veel kansen om misdaden te plegen. Daar kun je statistisch geen koeken van bakken.

Gaan we dan situaties vergelijken: hoe ging de dekolonisatie in Nederlands-Indië, Algerije, Vietnam of Birma? En zijn daar parallellen uit te trekken? Nee. Geschiedenis is geen benchmark!

"Benchmarking is systematisch onderzoek naar de prestaties en de onderliggende processen en methoden van een of meer leidende referentie-organisaties op een bepaald gebied, en de vergelijking van de eigen prestaties en werkmethoden met deze "best practice", met het doel om de eigen prestaties te plaatsen en te verbeteren".

Gezien de fors uiteenlopende situaties in die dekolonisatieperiode gaan we dus geen appels en peren vergelijken maar vergelijken we een banaan met een kiwi en komen er achter dat ze in alles verschillen: groei, vorm, inhoud, smaak etc. Benchmark toepassen is dus kennelijk gekozen als een middel om een vooropgezet en gemarkeerd doel te bereiken. Dat is geen historisch onderzoek; dat is broddelwerk.

Wil je een uitspraak doen over oorlogsvrijwilligers dan zal je bataljon voor bataljon, compagnie voor compagnie en uiteindelijk op zo individueel mogelijk verband onderzoek moeten doen. In de archieven en via de egodocumenten.

We kennen daar een recent voorbeeld van. Dat stuitert van de aannames en incorrectheden. Er is nog veel werk te doen.