Erik Torsink
 

Inleiding
Tijdens de regionale veteranendag van Gooise- en Wijdemeren, Weesp en Hilversum hield burgemeester van Wijdemeren, Freek van Ossel, een vraaggesprek met vier veteranen. 
 
Ossel behandelde tijdens de bijeenkomst de volgende onderwerpen: Waarom ging u er heen? Wat was de reden dat u ging? Hoe was het daar?Wat waren de omstandigheden en kunt u daar wat meer over vertellen? Hoe was de omgang met andere militairen en het thuisfront? Is de uitkomst van de missie datgene geworden wat u gedacht had en heeft het ook uw leven beïnvloed? 
 
Aan het vraaggesprek namen de volgende veteranen deel
 
• Henk Zomer (Nederlands-Indië, september 1948-april 1951), toen 18 jaar. Zomer was actief als Storm Pionier (infanterie). 
Niels Mulder (CBMI-9 Irak), september 2017-januari 2018), toen 23 jaar. Mulder was actief als trainer/opleider. 
• Eric Torsing (Unifil, Libanon), november 1981-mei 1982, toen 21 jaar. Torsing was actief bij het Anti-Tank Peloton (TOW).
Marilyn Newalsing (SFIR1 – Irak), juni 2003-december 2003, toen 30 jaar. Newalsing was actief als Marine Arts. 
  
Dit artikel is een transcriptie van het interview met Eric Torsing, Anti-Tank Peloton. Aan het einde van dit artikel kunt u de volledige film zien, die door Frits Ahlrichs van het interview met Eric Torsing gemaakt is (bewerking: Menke de Groot). Een * betekent dat burgemeester Van Ossel de vraag stelde en een - het antwoord van Eric Torsing daarop. 
 
Weergave interview
*Was het een goede tijd?
 -Ja, het was voor mij, omdat ik het graag wilde, een hele goede tijd.  We hadden de keuze: wil je uitgezonden worden of wil je blijven? Ik had er moeite mee thuis in dienst te blijven dus ik was blij dat ik ergens anders heen kon.
 
*Eric, was het een keuze voor jou? Torsing1
 -Nou, we waren ook dienstplichtig natuurlijk in die periode (gebaart naar Henk Zomer). Er waren jongens van 17 tot 20, in die leeftijd, die meegingen naar Libanon. En dat op zich vond ik al heel bijzonder. Dat je zo jong was. Wat Zomer net zei, je woont in je dorpje, we wisten niet echt...... en gingen naar een heel ander gebied.
 
Het was voor de meesten onder ons een heel groot avontuur, dat is logisch. Je bent jong en je verwacht het niet. Maar als je terugkomt dan besef je veel meer dingen dan wanneer je er heengaat. 
 
*Wat behoort tot je mooiste herinneringen?
 -Nou, dat was dat we de laatste twee weken geen dienst behoefden te draaien omdat we zoveel hadden meegemaakt. We zaten toen met zijn allen om een vuur in Libanon. De gedachte daaraan, die is voor mij wel het mooiste dat mij daar overkwam.
 
*Die kameraadschap, die gaat diep of niet?
 -Ja, dat gaat uiteindelijk heel diep. Omdat je met hen alles kan delen. Kijk, als ik aan mijn vrienden iets vertel, als ze wat aan mij vragen, dan zullen ze vaak denken: "die Torsing zal wel weer overdrijven" en als ik aan mijn familie iets vertel, aan mijn vrouw, aan mijn moeder of mijn kinderen, dan denken ze: "hij zal niet alles vertellen". Het is altijd fijn om met je kameraden te zijn want daar kan je alles echt mee delen.  
 
*Eric, contacten met de lokale bevolking: had je die veel? En hoe vond je het eten? Torsing3
 -Ja, we gingen overdag op sociale patrouille, dus dan gingen we ook theedrinken bij de mensen thuis. Dus de contacten met de bevolking waren op zich goed. En ’s avonds was het natuurlijk spertijd en mochten we niet meer naar buiten en was er dus geen contact met de bevolking. Maar de contacten overdag waren gewoon goed. En wat het eten betreft: ik vond alles lekker.
 
*Eric, heb jij door de uitzending ook geleerd je gemakkelijk aan te passen?
 -Ik vond het heel bijzonder. Toen ik wegging was ik echt jong, "loon naar prestatie" had je toendertijd. En je komt terug en dan ben je veel socialer. Wat Marilyn ook aangeeft, dat je dankbaar bent en dat je ook ziet ..... Je hoort iedereen klagen en dan denk je: "mens wat heb je te klagen?" Het is wel iets echt Nederlands natuurlijk, om te klagen. Maar het is heel bijzonder als je terugkomt mee te maken dat als je terugkomt alles veilig is, dat je naar school kan, dat je gewoon weer je werk kan doen, dat mensen gewoon in vrede bij familie kunnen zijn. Dat waardeer je dan veel meer. 
 
*Eric, Zomer had geen internet, geen skypen, men correspondeerde via brieven. Hoe ging bij jou de communicatie met het thuisfront?
 -Hoe de communicatie op een hoog niveau ging dat weet ik niet, dat kan ik mij niet herinneren.  Maar ikzelf stuurde een brief naar mijn moeder, die kreeg ze drie weken later en dan kreeg ik drie weken later weer bericht terug. Er zat zes weken tussen een bericht en dat je weer bericht terug van huis kreeg. Er was geen telefoon op de post
 
*Eric, hoe werd er tegen je aangekeken toen je thuiskwam?Torsing5
-Je kunt niet alles kwijt. En anderen denken: "Hij zal wel overdrijven". Je vertelt niet alles. Maar aanvankelijk is iedereen blij dat je weer thuis bent en je bent zelf ook blij. Dat is gewoon omdat je heelhuids thuis bent gekomen ondanks dat je veel mee hebt gemaakt.
 
Maar als mens bent je als kind weggegaan en als kerel teruggekomen. Dat is, denk ik, het grote verschil ook: je reageert op alles anders. Dat is omdat je veel meer relativeert, omdat je dingen gezien hebt.
 
Wat wij normaal vinden dat willen mensen over de hele wereld. Mensen willen dat de kinderen naar school gaan, dat ze een hapje eten hebben, dat ze kunnen werken. Dat zijn belangrijke dingen voor de mensen. Dat wil iedereen. En dat is hier natuurlijk heel normaal. Dat is het grote verschil. 
 
*Zou je opnieuw gaan?
 -Ik zou zeggen: ja! Maar er is wel een grote “maar”. Ik vind wel dat als je ouder wordt en je gaat erover nadenken: dat je als jong mens naar een land wordt gestuurd waar mensen zitten, een handje vol, die de boel belazeren of vernielen, daar heb ik wel steeds meer moeite mee. Dat hele drommen jonge mensen naar een land gaan waar je eigenlijk gevaar loopt en de risico's niet duidelijk zijn.
 
Nu ik ouder ben en jongens als Niels zie gaan, daar heb ik wel wat moeite mee. Dat heb ik wel. Maar ik denk dat als ik nu 18 jaar was dan zou ik wel ja zeggen. 
 
*Is men voldoende trots op zijn veteranen?
 -Ik denk nu wel, de laatste jaren. Want zoals we hier ook zitten, de partners, iedereen heeft zijn verhaal. En ik denk ook: dat verhaal moet je kwijt. En die partner, die heeft dat ook allemaal met je meegemaakt. En het is mooi dat je die zaken op deze dagen (veteranendagen) met elkaar kan delen. 
 
*Wat wil je nog meegeven aan mensen die nog op missie gaan?
 -Ja, wat Niels zeg, mentaal vreselijk goed voorbereiden, fysiek goed voorbereid, zorgen dat je lekker goed in je vel zit en een hele goede nazorg. Dat is, denk ik, het allerbelangrijkste, als je op missie gaat. 

Film, gemaakt door Frits Ahlrichs, bewerking door Menke de Groot, van het interview met Eric Torsing. Indien u de film niet kunt zien klik dan op deze link
 

 
 
 
 
f t