Bijgebouwen Bronbeek


Onder de bomen van het Kamp

(melodie: Max Taks: Onder de bomen van het plein)

 

Concordia is leeg geworden,

Daar zetelt nu de nieuwe orde,

En in 's landsopvoedingsgesticht,

Kibbelt de bloem van onze natie,

Met energie, maar zonder gratie,

Over "de zaken van gewicht"....

Daar wordt reeds bij het ochtendgloren

Opnieuw de nederlaag geboren,

En ieder voelt zich generaal

En tracht zijn buurman te verklaren

Dat al die anderen zakken waren

En hij als enige normaal. 

 

(refrein)

Onder de bomen van het kamp,

Daar zat het 's morgens vroeg al stamp,

Van kampbewoners, wijs en gek,

Die peinzend staren naar het hek,

Onder de bomen van het kamp,

Daar zit het 's avonds laat nog stamp,

't Is daar een Bronbeek in het klein,

En iedereen bromt zijn refrein,

Op dat verdomde kamp. 

 

In Bronbeek klinken holle zuchten,

Vermengd met allerlei geruchten,

De Duitse vloot ligt in Transvaal,

De Aussies in de Vorstenlanden,

Hebben de Zuidpool al in handen,

Monaco houdt zich strikt neutraal,

Men spreekt in Bronbeek onder het wachten,

Over "groot Nederlandse gedachten",

Van ideaal en eeuwige trouw. 

Maar wordt de vrijheid weer gegeven,

Dan heet dat ideale streven,

Weer doodgewoon "Moeder de vrouw"!

 

(refrein)

 

Want onder Bronbeeks bomenwoud,

Raak je met menigeen vertrouwd, 

Wie eerst zo filosofisch scheen, 

Staat in zijn hemd nu - alleen!

Want daar op Bronbeeks bomenplein,

Worden de grootste mensen klein,

Daar blijkt zo menig idealist, 

Een doodgewone  egoïst,

Op Bronbeeks binnenplein. 

L.O.G. Bandung, 2 mei 1942. 

 

 

 

 

 

f t