Van Bochove


Het fotoalbum kunt u hier inzien. Zie ook  Bas Jan van Bochove, burgemeester van Weesp, zijn zoon.


Elisabeth Maria van Bochove-Bruggeman

Van Bochove (Rotterdam, 10 oktober 1924 - Ermelo, 19 januari 2017)) was de zoon van Bastiaan Jan van Bochove, schoenmakElisabeth van Bochove. Bron Een verborgen herinnering.er en hersteller, overleden op 13 april 1939) en Elisabeth Maria Bruggeman. Na de dood van Van Bochove sr. werd zijn weduwe kostwinster en trad in dienst bij de etappen intendance, onderdeel van de Etappen en Verkeerdienst van de Landmacht.

Aldaar onderhield zij de kantine en maakte zij kennis met reserve eerste luitenant Nicolaas Egidius Erkens (1894-1943). Erkens (schuilnaam: Roodkapje) was in genoemde rang toegevoegd aan de beheerder van het Etappen-Kledingmagazijn te Rotterdam. Na de capitulatie, eind mei 1940, richtte hij samen met twee andere officieren een kleine verzetsgroep op, die onder meer tot doel had militaire inlichtingen in te winnen, sabotagedaden te plegen en vrijgekomen krijgsgevangenen te helpen.

Arrestatie en gevangenschap

Maria Elisabeth Bruggeman trad toe tot deze groep, die eind 1942 door verraad werd opDecoratie Bernhardgerold. Dat verraad was mogelijk doordat het Anton van der Waals gelukte te infiltreren, waarna al snel de eerste arrestaties plaatsvonden. Bruggeman werd mishandeld en bedreigd maar verraadde niemand en werd uiteindelijk van de ene naar de andere gevangenis gezonden. Begin maart stuurden de Duitsers haar als "Nacht und Nebel"gevangene naar Mauthausen, waar zij een maand later bevrijd werd.

Bij Koninklijk Besluit werden haar op 17 februari 1955 het Militair Ereteken Tweede Klasse met de Palm en het Oorlogskruis 1940 met de Palm uitgereikt door Prins Bernhard. Dat was omdat zij de leider van de verzetsgroep, luitenant Erkens, die zich op wisselende plaatsen bevond, steeds op de hoogte stelde van de situatie in Rotterdam, berichten naar de radiozender van de groep overbracht en zelfs drie pistolen, die zij van de vijand had gestolen, aan Erkens ter hand wist te stellen.

Jan Bastiaan van Bochove

Haar zoon, Jan Bastiaan volgde de middelbare technische school en werd tijdens de Tweede Wereldoorlog te werk gesteVan Bochove als jongen2ld op de tekenkamer bij Daimler-Benz in Duitsland. Aldaar ontmoette hij iemand die relaties met het verzet in Rotterdam had en ervoor zorgde dat Van Bochove, die inmiddels pleuritis ontwikkeld had, naar Nederland kon terugkeren.

Van Bochove dook onder in Lunteren, waar hij met het verzet in aanraking kwam. Hij trad op 5 september 1944 toe en werd actief bij de Binnenlandse Strijdkrachten (gewest 6), 21ste verzetsbataljon (een licht infanteriebataljon), waarvan het kader bestond uit verzetsmensen.

Werkzaamheden vlak na de Tweede Wereldoorlog

Het 21ste verzetsbataljon werd in Nederland gezien als een bewakingseenheid, met als tJeugdfoto van Van Bochoveaken de bewaking van depots, het rustig houden van het achterland en het beschermen der staven. Later werd Van Bochove ingedeeld bij de Politieke Opsporingsdienst, waar hij informeerde of hij ook naar Duitsland gezonden kon worden om zijn moeder te zoeken.

Indertijd bezocht Prins Bernhard de diverse kazernes om de manschappen te vragen of ze naar Nederlands-Indië wilden gaan om daar orde en vrede te scheppen. Aldus werd Van Bochove in de functie van administrateur bij het OVV Veluwebataljon 1-8 RI, Haantjes, Licht Infanterie Bataljon, benoemd; 's avonds volgde hij lessen met de ambitie zo spoedig mogelijk tot sergeant te worden bevorderd.

Naar Nederlands-Indië

Op 15 oktober 1945 vertrok Van Bochove naar Engeland om aldaar instructies en tropenkleding te ontvangen; van daar ging de reis op 28 oktober per m.s. Nieuw Amsterdam naar Nederlands-Indië, waar op 17 november gedebarkeerd werd op Malakka. Aldaar beleefde Van Bochove een moeilijke tijd tot men op 28 februari 1946 per boot vertrok naar Java. Het schip kwam op 9 maart 1946 te Tandjong Priok aan. Halverwege 1946 werden de lichte infanteriebataljons aangevuld met materieel en personeel en gereorganiseerd tot infanteriebataljons.

Van Bochove werd bij een rubberplantage, gelegen aan de grens met Birma, gelegerd. Niet veel later werd hij overgeplaatst nabij Batavia. Aldaar vielen, mede door de optredens van extremistenbendes, zeer veel doden. In de begintijd was het nodig tijdens ieder  bezoek aan Batavia goed bewapend te zijn maar mede dankzij het ferme optreden van de Nederlandse troepen was dat na verloop van enige maanden niet meer nodig.

Het verdere verblijf in de Oost

In Nederlands-Indië was tijdens de bezetting van Japan de oom van Van Bochove in een kamp overleden. VeluwebataljonZijn tante zorgde van het moment af dat zij haar neef te Batavia terugzag voor zijn persoonlijke zaken, als kleding en eten, totdat beiden weer naar Nederland zouden terugkeren.

Op 24 november 1946 vertrok Van Bochove met het 1-8 RI Naar Padang, waar het zeer onrustig was omdat de bewaking van deze plaats overgenomen werd van de Brits-Indische troepen. Aldaar vielen onder de Nederlandse manschappen dan ook de meeste doden te betreuren. Van Bochove ontving nu een brief van het hoofdkwartier waarin hem medegedeeld werd dat hij geschikt was bevonden om administrateur te worden en voor dit doel werd hij overgeplaatst naar het hoofdkwartier te Batavia en bevorderd tot sergeant-majoor (1 april 1947).

Latere loopbaan

Aldaar werd hij geplaats bij de afdeling verificatie van de militaire administratie, waar hij verantwoordelijk was voor de administratieve afhandeling van alle bataljons, waaronder de salarisadministratie.Dienstverloop Op 24 mei 1948 vertrok hij met zijn bataljon met de Johan van Oldenbarnevelt naar Nederland, waar hij op 19 mei aankwam en ingedeeld werd bij het demobilisatiebureau Huis ter Heide.

Zijn functie aldaar was die van hoofd van personele zaken betreffende de Indische aangelegenheden. Van Bochove verbond zich op 15 augustus 1948 voor de duur van zes jaar als vrijwilliger bij de Landmacht (bij het achtste regiment infanterie) en bekleedde diverse rangen en functies voordat hij in 1979 in de rang van kapitein de militaire dienst verliet.  


 Militair CV Van Bochove (selectie)

  • 5 september 1944 tot 14 juni 1945. Binnenlandse Strijdkrachten, gewest 6, Apeldoorn.
  • 15 juni 1945. Eerste bataljon van het achtste regiment infanterie verbonden als oorlogsvrijwilliger en in werkelijke dienst.
  • 15 juni 1945. Benoemd tot tijdelijk korporaal.
  • 1 augustus 1935. Benoemd tot tijdelijk sergeant.
  • 15 oktober 1945. Uit Nederland vertrokken.
  • 16 oktober 1945. In Engeland aangekomen.
  • 28 oktober 1945. Uit Engeland vertrokken per m.s. Nieuw Amsterdam, bestemming Nederlands-Indië.
  • 6 november 1945. Keerkring gepasseerd.
  • 17 november 1945. Op Malakka aangekomen.
  • 28 februari 1946. Van Malakka vertrokken.
  • 9 maart 1946. In Nederlands-Indië aangekomen.
  • 10 april 1947. Tijdelijk benoemd tot sergeant majoor voor speciale diensten.
  • 24 april 1948. Uit Nederlands-Indië vertrokken per m.s. Johan van Oldenbarnevelt, bestemming Nederland.
  • 7 mei 1948. Keerkring gepasseerd.
  • 13 mei 1948. Ingedeeld bij het achtste regiment infanterie.
  • 19 mei 1948. In Nederland aangekomen.
  • 1 juli 1948. Benoemd tot sergeant-majoor-schrijver.
  • 15 augustus 1948. Bij de landmacht ingelijfd als BD.
  • 16 september 1948. Verbonden aan het achtste regiment infanterie voor de tijd van zes jaren als vrijwilliger bij de Koninklijke Landmacht.
  • 16 september 1949. Fourier.
  • 16 september 1949. Tijdelijk sergeant-majoor-administratie
  • 16 september 1949. Onderscheidingsteken voor zesjarige dienst.
  • 10 juli 1950. Overplaatsing Regiment Infanterie Oranje Gelderland.
  • 22 december 1950. Overplaatsing bij Dienstvak der Militaire Administratie.
  • 22 december 1950. Geschikt verklaard voor de rang van sergeant-majoor-administrateur.
  • 16 januari 1951. Hiertoe benoemd.
  • 8 januari 1954. Geplaatst bij de School Reserve Officieren Infanterie.
  • 8 januari 1954. Bronzen Medaille.
  • 9 mei 1955. Overgeplaatst bij Staf Vierde Divisie Verbindingscompagnie.
  • 16 september 1955. Verbonden bij het Dienstvak der Militaire Administratie voor onbepaalde tijd als vrijwilliger bij de Koninklijke Landmacht.
  • 15 augustus 1957. Overgeplaatst bij het 41ste Verbindingsbataljon.
  • 15 augustus 1957. Benoemd tot compagniesadministrateur.
  • 13 maart 1963. Benoemd tot instructeur.
  • 1 mei 1960. Bevorderd tot adjudant onderofficier
  • 1979. Dienst verlaten in de rang van kapitein.

Zie ook


 

[ Terug

 

 

 

 

f t