Lalala


Zie ook: de lijst van gesneuvelden van de Eerste Infanterie Brigade Groep der C-Divisie "7 December"


Inleiding

De eerste periode in de Oost: Buitenzorg

Wederopbouw van het land

Eerste Politionele Actie

De strijd om Djampang Koelon

De toestand verslechtert

Tweede Politionele Actie - Bantam


Inleiding

Het Derde Bataljon Grenadiers maakte deel uit van de Eerste Infanterie Brigade Groep der C-Divisie "7 December". In juli 1945 vertrokken een aantal kaderleden, samen met een paar honderd oorlogsvrijwilligers, naar Engeland. P1350667 Het oorspronkelijk doel was dat zij deel uit zouden gaan maken van een expeditionaire macht, bedoeld om tegen de Japanners te gaan strijden. 

Omdat op dit moment de bezetting van Nederlands-Indië door Japan beëindigd was wist men niet goed wat te doen. In het opleidingsschema van de expeditionaire macht kwam in ieder geval geen verandering. Uiteindelijk werd de beslissing genomen het kader in Engeland op te leiden maar de rest van de te vormen Divisie  door het eigen kader in Nederland te trainen. 

Er werd besloten, mede vanwege de op handen zijnde Bersiap,  dat de complete Divisie toch naar Indië zou vertrekken. Op 19 april 1946 vertrokken de Grenadiers vanuit Ede naar de Lodewijk- en Hendrikkazerne te Amersfoort. In de tweede week van juni werd bij ale onderdelen van de Divisie de elementaire opleiding afgesloten met het houden van een zogenaamde "passing out". 

Dat betekende dat de recruten zich soldaat mochten noemen en het recht verkregen Divisie-embleem en het wapenonderscheidingsteken te dragen. De Grenadiers paradeerden bij deze gelegenheid in Amersfoort voor generaal-majoor Van Voorst Evekink, commanant van de Nederlandse troepen in Engeland. 

De eerste periode in de Oost: Buitenzorg

Het derde Bataljon Grenadiers stapte op 29 oktober 1946 te Tandjong Priok aan wal en kreeg een legering te Buitenzorg. Aldaar werd het bataljon over diverse wijken verspreid en de compagnieën ingedeeld P1350663 bij 5 Regiment Infanterie. 

Buitenzorg was na jaren Japanse bezetting geheel vervuild. Het kostte de Grenadiers moeite het vertrouwen van de inlandse bevolking, na jaren Japanse indoctrinatie,  terug te winnen. Met name in het begin werden de manschappen met vuurgevechten, uitgelokt door extremisten om onrust te zaaien en het moreel te schokken, bezig gehouden. 

De werkzaamheden in het begin bestonden dan ook voornamelijk uit het overdag patrouilles lopen en 's nachts wachtdiensten draaien. De taak van de Grenadiers was ook het verdedigen van het inwendige van Buitenzorg, maar pelotons grenadiers namen, samen met KNIL i.c. Infanterie I, ook deel aan de buitenverdediging van de stad. 

In de weken die volgden kregen de Grenadiers meer objecten in en aan de rand van de stad te beveiligen. In deze periode ontstond ook "De Granaat", het bataljonsweekblad. In januari 1947 verlieten Grenadierscompagnieën Buitenzorg om posten buiten de stad te gaan bezetten. Na het vertrek van de Infanterie I werd het te bestrijken terrein uitgebreid tot tien tot vijftien kilometer aan de demarcatielijn. De patrouilles werden langer en het te onderzoeken gebied steeds groter. 

Wederopbouw van het land

Buitenzorg was inmiddels, na de komst van de Grenadiers, weer veranderd in een levende stad, waar mensen werkten, gebouwen gereinigd waren en bedrijven opnieuw in werking gesteld. In de nieuwe gebieden bevonden de omgeving zich nog  in een droevige staat: wegen vol gaten, huizen vervallen en P1350666de sawahs niet bewerkt.

Met de komst van de Grenadiers werd de bevolking opnieuw in de gelegenheid gesteld de sawahs te bebouwen. De Militaire Beveiliging hielp het Binnenlandse Bestuur, op verzoek van de bevolking, de gewenste gezagsverhoudingen te herstellen.

Op 6 maart werd kampong Tjaringin betrokken. Tijdens een patrouille in de omgeving van deze plaats liep een petroleumpatrouille van de T.R.I. in een nachtelijke val. Tijdens een andere patrouille, op het voorterrein, sneuvelde sergeant Doorenmalen.

Onder de nieuwe commandant kapitein Berghuis ondernamen de Grenadiers een tocht langs de verlaten en verwoestte ondernemingen ten zuidoosten van Tjitjoeroeg. Daarbij werden de gevreesde stellingen van de T.R.I., onder luitenant-kolonel Kawilarang, bij Pasirmoentjang, Tjisempoer en rond Tjigombong ingenomen. 

Gedurende een zuiveringsactie wisten de manschappen Djampamgtenga, ondanks het vele vijandelijke geweer- en mitrailleurvuur, op de vijand buit te maken. Deze actie werd kort daarop gevolgd door de inname van Lenkong en Alri, beide T.R.I.-broeinesten.  

Eerste Politionele Actie

Op 17 juni 1947 nam luitenant-kolonel J.D. Wensen afscheid van het bataljon en werd opgevolgd door overste J.J.C Baron Taets van Amerongen. Vanaf 21 juli 1947 (Eerste Politionele Actie) trokken de Grenadiers over P1350672de oude demarcatielijn naar de Wijnkoopsbaai en verder het binnenland in. Moord- en plunderbenden werden verjaagd uit deze omgeving. 

Het station van Masing was de basis van waaruit de Politionele Actie zou beginnen. Het Mortierpeloton van de Grenadiers werd ingedeeld bij het Derde Regiment Prinses Irene en volgde de Stoottroepen.

Toen men met veel pijn en moeite de spoorbrug over was getrokken klonk het bevel naar Tjaringin terug te keren. De eerste poging was vergeefs geweest. 

De volgende dag trok een stoet, P1350671bestaande uit de Stormschool, een Mortierbataljon en enkele carriers van het Mitrailleurbataljon naar Tjijoeroeg. Omstreeks vier uur bereikten de troepen de kali bij Paroengkoeda.

Ondanks mijnen en gaten in de weg bereikten de manschappen 's avonds Tjibadak, in brand gestoken door de T.R.I. Nadat een brug gerepareerd was ging het naar Oebroeg, waar zuiveringsacties plaatsvonden. 

Intussen was het augustus geworden en de eerste manschap, korporaal tweede klasse De Wilt,  door een ongeluk met een carrier gesneuveld.  Meer zouden volgen, hetgeen een Grenadier deed schrijven:"

"De levens van onze vrienden zijn niet meer te vervangen en juist daarom nemen zij nog zo'n bijzondere plaats in ons hart in. Nog zien wij hun gebaren, hun lach, hun beeld. Nog horen wij hun woorden. Ja, nog leven zij in onze herinnering als vrienden, die het hoogste offerden, hun leven. Zij rusten in vrede."

De strijd om Djampang Koelon

De periode na de Politionele Actie werd gekenmerkt door min of meer omvangrijke zuiveringsacties.  De bedoeling hiervan was nieuwe gebieden te ontsluiten voor onder meer de distributiedienst, geneeskundige verzorging en P1350675 Binnenlands Bestuur. 

De diverse  compagnieën maakten lange dagen door veelvuldige patrouilles en wachtdiensten om de hun toegewezen gebieden te beveiligen. De eerste compagnie was gelegerd langs de grens van Bantam. De tweede bivakkeerde  bij Tjiemas, Waloeran en Kiaradoea en de derde had de grote weg in Lenkong, Bodjongg Lopang en de ondernemingen in dit gebied als haar werkterrein. 

Intusen had de T.N.I. zich na de Politionele Actie teruggetrokken achter kali Tjikasso en een grote macht gevormd. Zij richtte zich nu op de meest vooruitgeschoven post der Nederlanders, Djampang Koelon en Tjitanglar, waar de vierde compagnie zich bevond. 

In deze tijd vond een grootscheepse aanval van de T.N.I. op het kampement Djampang Koelon zelf plaats. De T.N.I. wist ongemerkt op strategische punten rond het kamp drie brenposten op te richten.P1350674 Een groep met goloks gewapende vijanden sloop 's nachts het kampement binnen en had zich onder de bilikhuisjes verstopt. 

Bij de eerste schoten werden de Grenadiers gealarmeerd en openden het vuur op de indringers. Na een hevig gevecht wisten de manschappen de extremisten te verjagen.

Hun commandant was echter geen onbetekend figuur want in de dagen daarna hielden de aanvallen aan. Maandenlange patrouilles, vuurgevechten en zuiveringsacties waren hiervan het gevolg. 

Het was een wonder dat alleen Toon Versnel in zijn carrier sneuvelde. Eind december, begin januari werd de compagnie eindelijk afgelost door de Derde Compagnie, die steun kreeg P1350673 van het Peloton Zware Mortieren en een Afdeling Zware Mitrailleurs.

Eind januari begon de uitvoering van de Renville Bestandsbepalingen, waarna de T.N.I. begin februari uit het gebied van Djampang Koelon evacueerde. 

In september 1947 bleek dat de carriers in slechte conditie waren door de de toestand van de wegen en de vele wegversperringen. Soldaten die gewend waren patrouilles per carrier te maken waren nu gedwongen te lopen. 

De secties van het Carrier-Peloton lagen verspreid over geheel zuidwest Java. Met name in de periode dat de 4de en 3de Compagnie in Tjitanglar hun hulp inriep was zwaar. Steeds minder Nederlandse soldaten stonden hier tegenover een groeiend aantal vijandelijke troepen.  Deze periode eindigde met een order tot staakt het vuren en de daarop volgende evacuatie der Republikeinse troepen. 

Na de terugtrekking der T.N.I. vielen de Grenadiers De Rooy en Pijlman in een verraderlijke hinderlaag, waarbij beiden sneuvelden. Een andere Grenadier. Mostert, verongelukte op zijn motor. 

De toestand verslechtert

In het tijdvak 1 maart 1948-1 maart 1949 was het Derde Bataljon Garderegiment Grenadiers voornamelijk actief in het Regentschap Soekaboemi. Na de evacuatie van de T.N.I in de eerste maanden van 1948 bleef patrouilleren toch nog noodzakelijk. P1350690

Op 1 april droegen de Jagers de patrouillegebieden Njalindoeng en Sagaranten aan de Vierde Compagnie over, zodat het gehele Regentschap Soekaboemi tot ambtsgebied van het Bataljon Grenadiers werd verklaard. 

Patrouilles vonden niet alleen te voet maar ook per prauw plaats. Geleidelijk kwam er een verscherping in de politieke situatie met een daarmee samengaande verhoogde activiteit der benden. In het gebied van Djampang Koelon laaide de strijd tegen de T.N.I. weer op.

Overvallen en beschietingen waren weer aan de orde van de dag. Korporaal Penning de Vries ontving het Bronzen Kruis voor zijn moedig en beleidvolle optreden tijdens een patrouilegevecht. 

Onder invloed van de politieke verhoudingen werd het steeds onrustiger in het Regentschap Soekaboemi. Benden bleken steeds brutaler en bekende figuren van de tegenpartij traden weer meer op de voorgrond. Ondernemingen hadden het zwaar te verduren. 

Tweede Politionele Actie - Bantam

Op 19 december begon, mede door de verslechterde situatie, de Tweede Politionele Actie tegen de Republiek. De Grenadiers werden onder meer ingezet tijdens de actie tegen Bantam, die op 23 december 1948 begon. P1350694Nadat Djocja was gevallen werd de Eerste Compagnie Grenadiers, versterkt met het commandopeloton en twee secties mortieren, naar Bantam gezonden. 

De tocht leidde over bergen en rivieren eerst naar Tjikotok.  Deze  hele onderneming was letterlijk ondermijnd door de vijand. Na onderzoek vond men er driehonderd. Bajah werd bezet en vervolgens Goenoeng Madoer genomen.

Deze korte actie was niet gemakkelijk geweest. Rond Soekaboemi was de Siliwangi-Divisie inmiddels actief geworden. Het gevolg was dat de wegen onveilig werden,  politieposten en ondernemingen onder vuur lagen en er opnieuw rampokpartijen op grote schaal plaats vonden. 

De Derde Compagnie Grenadiers voerde herhaaldelijk razzia's in de kampongs uit. Die pakten rampzalig uit voor de Grenadiers. Op 28 februari 1949 liep een patrouille, bestaande uit acht man, in een hinderlaag en werd volledig vernietigd. Er waren geen overlevenden. 

Dat was nog niet alles, want op 1 maart werd een jeep van de Vierde Compagnie beschoten, waarbij korporaal v.d. Hulst zo zwaar gewond raakte dat hij dezelfde avond nog overleed. De geschiedenis zou uitwjizen of hun offer vrucht gedragen had....


 

f t