Koningin WIlhelmina Wolverhampton


 Voorgeschiedenis

Het begin voor de oorlogsvrijwilligers ligt in de Prinses-Irenebrigade, die het Nederlandse aandeel vormde in de geallieerde strijdmacht in Europa. De brigade bestond uit Engelandvaarders, Nederlandse staatsburgers die tijdens de Duitse inval woonachtig waren in het buitenland en kader van de Koninklijke Landmacht en het Korps MMeld u aan als ovvariniers. De vrijwilligers die deel waren van de brigade hebben zich goed van de hen gegeven taak gekweten.

Al in 1942 werd duidelijk dat de bevrijding van Europa een hogere prioriteit had bij de geallieerden. Dit gegeven deed de Nederlandse regering te London besluiten om voorbereiding te gaan treffen voor de training van Nederlandse bataljons voor de strijd inKerstmis in WOlverhAMPTON Azië.

De regering voorzag dat in het pas bevrijde Nederland de faciliteiten voor de training van een grote troepenmacht niet aanwezig zouden zijn. Om toch troepen te kunnen gaan trainen voor als de bevrijding daar was sloot de Nederlandse regering een overeenkomst met de Britten.  

Hierin werd bepaald dat de Nederlandse bataljons, die tegen Japan zouden gaan optreden, in Groot-Brittannië mochten worden opgeleid en Brits zouden worden uitgerust.

Ondertussen vorderde de bevrijding van Zuid-Nederland snel en kon er dus op eigen bodem begonnen worden met het werven van vrijwilligers. Het officiële "startsein" werd door middel van het zogenoemde  "OVW besluit" (Koninklijk Besluit 1 oktober 1944) gegeven door koningin Willhelmina, alhoewel het eerste aanmeldingsbureau al op 22 september 1944 werd geopend.

Het animo onder de jonge Nederlandse jongens was groot, zo groot zelfs dat leden van de BS (Binnenlandse Strijdkrachten) voorrang kregen bij het inschrijven als vrijwilliger. Deze stroom vrijwilligers moest natuurlijk opgeleid worden en hiervoor werd logischerwijs Engeland uitgekozen.

Over het kanaal

De reis naar Groot-Brittannië ging over het kanaal en verliep zodoende veelal via Belgische havens zoals Oostende en Antwerpen omdat de  belangrijkste Nederlande havens in puin lagen als gevolg van de bezetting. Het 1ste "Drents" bataljon RegimeBarakken Wolverhamnpton ni pbouwnt Infanterie bijvoorbeeld vertrok met een geblindeerde posttrein naar Oostende, waar vandaan het op 1 januari 1946 Engeland bereikte.

De eigen Koopvaardij (op enige schepen na) was evenmin beschikbaar om de bataljons naar Engeland te transporteren omdat zij verplicht was om eerst de door de bondgenoten gegeven opdrachten te voltooien. Met een kader van veelal ex-verzetsmensen werd in Engeland begonnen aan de opleiding van de zogenaamde OVW Bataljons.

De eerste eenheden, die op 12 oktober 1945 vertrokken, waren het 2de bataljon 13de Regiment Infanterie (RI),  het 1ste bataljon Regiment Stoottroepen (RS) en 2-14 RI. Een belangrijke standplaats voor de opleiding was de Engelse plaats Wolverhampton, waar tijdens de Tweede Wereldoorlog de Prinses-Irenebrigade was opgericht.

Opleiding in Engeland

De kampen, waar de Irene-Brigade haar opleiding had genoten, werden direct na aankomst van de vrijwilligers opnieuw in dienst gesteld als opleidingscentra. De officier-kaderleden werden opgenomen bij zogenaamde "Officers Central Training Units".  Deze dienden de voor-officiersopleiding en officiersopleiMAnschappen voor indie wachten op de bus2ding.

De opleidingen vonden onder meer plaats op de bekende Britse militaire academie, de Koninklijke Militaire Academie Sandhurst (Royal Military College, Sandhurst).  Het lager kader van de bataljons werd per bataljon geconcentreerd in Britse opleidingscentra, die verspreid lagen over heel Groot-Brittannië.

De Britse training moest de OVW bataljons omvormen tot lichte infanterie bataljons of, op zijn Engels gezegd,  "Light Infantry Battalions" (LIB’s). De training was een standard infanterieopleiding, die er voor zorgde dat de discipline binnen de bataljons aanzienlijk verbeterde en de eerste kiem voor de kameraadschap werd gelegd.

Naast trainen was er genoeg vrije tijd, de grote Engelse steden waren in trek, net als de Engelse sigaret en de "corned beef". De tijd in Engeland was voor velen de eerste kennismaking met overvloed na de schaarste veroorzaakt door de achter hen liggende hongerwinter, oorlog en financiële wereldcrisis.

Koude kermis

Terwijl de eerst troepen in november 1945 naar Indië vertrokken wachtte voor anderen de koude winter van 1945-1946. Dit maakte dat van de training van de toen nog aanwezige troepen weinig meer terecht kwam. In politiek opzicht werd de aanwezigheid van Nederlandse troepen de Britten langzamerhand een doorn in het oog.

Zij wilden zo snel mogelijk af van de Nederlanders om hun terugtrekking uit Nederlands-Indië, later Indonesië, kracht bij te zetten. Ondertussen waren in Nederland de militaire trainingsfaciliteiten genoeg op peil om zelf de grote stroom dienstplichtigen, die inmiddels waren opgeroepen, op te leiden.

Een deel van de OVW officieren werd kaderlid van de eenheden die bestonden uit dienstplichtigen.


 

 

f t