Spier20ontvangt20de20Bronzen20Leeuw


 Zie ook het fotoalbum 


Familie

Vroege loopbaan

Tweede Wereldoorlog

Activiteiten in Nederlands-Indië

Strijd in Korea

Militaire Willems-Orde

Latere loopbaan

Nawoord

Onderscheidingen

Bronvermelding


Familie

Spier was de zoon van Willem Theodor Spier (1893-1956), hoofd van de algemene politie te Batavia, eSpier20zijn20echtgenote20en20zoon20Willem1n Leonie Francisca Weijnschenk (1893-1983). Hij werd in Nederland geboren omdat zijn ouders voor dit doel speciaal even terugkeerden naar het Vaderland. Spier werd Tivadar genoemd naar een Hongaarse violist.

Hij trouwde twee keer. Uit zijn eerste huwelijk werden twee zoons geboren (waarvan een al jong overleed) en uit zijn tweede huwelijk vier kinderen. In de herfst van Spiers leven, toen hij min of meer gedwongen werd in een verpleegtehuis te wonen, raakte hij de regie over zijn leven kwijt.

Tijdens zijn laatste jaren was het daardoor niet meer mogelijk dat Spier bij belangrijke militaire evenementen aanwezig was. Evenmin kreeg Spier, toen zijn tijd gekomen was, een begrafenis met militaire eer maar werd hij, op aandringen van de kinderen uit zijn tweede huwelijk, in zeer besloten kring gecremeerd. Een volgens de rouwadvertentie aangekondigde herdenkingsplechtigheid heeft nooit plaatsgevonden.

Vroege loopbaan

Tivadar Emile Spier (Utrecht, 17 november 1916 - Den Haag, 17 juni 2010) groeide op in Batavia en vertrok in juli 1931, samen met zijn familie, per motorschip Christiaan Huygens, gezagvoerder D.J. Botjes, naar Nederland.

Twee jaar later vervulde hij aldaar zijn militaire dienstplicht en tekende vervolgens bij. In deze tijd was Spier onder meer actief bij de acties rondom de muiterij op de "Zeven Provinciën". Hij werd namelijk ingedeeld als vlieger tijdens de luchtaanval op dit schip.

Tweede Wereldoorlog

Op 26 mei 1940 werd Spier in de rang van vaandrig ontslagen uit het leger.  Tijdens de Tweede Wereldoorlog was hij woonachtig in RotterdaSpier20in20de20rang20van20vaandrig1m, waar hij zich aansloot bij de Binnenlandse Strijdkrachten (gewest 14, Zuid-Holland-Zuid, 2de Bataljon, 1ste Compagnie). Op Dolle Dinsdag, Spier was toen gearresteerd en opgesloten op het politiebureau aan de Coolsingel, werd hij door zijn makkers bevrijd.

Na de bevrijding ging hij voor zijn opleiding tot officier naar een Officer Cadet Trading Unit in Engeland, waarna hij vrijwillig tekende voor de strijd in Nederlands-Indië. In de rang van reserve-tweede luitenant, ingedeeld bij de Eerste Divisie 7 December, vertrok hij vervolgens per Ms. "Tegelberg" naar de Oost.

Activiteiten in Nederlands-Indië

Spier was in de periode augustus 1947 tot halverwege 1949 commandant van de afdeling Speciale Troepen Groep Spier, op West-Java als militair politiële taak toegevoegd aan het zesde RVA van de 7 December Divisie.

De groep Spier, ter grootte van een peloton,  werd persoonlijk door Spier samengesteld uit inheemse vrijwilligers en groeide uit tot een sterkte van ongeveer 250 man. Spier wist deze groep op een dusdanige moedige, beleidvolle en succesrijke wijze aan te voeren dat het een strijdvaardige eenheid werd, waaraan zeer gevaarlijke acties werden toevertrouwd.

Een der belangrijkste acties was de bestorming van de berg Goenong Pogor op 24 augustus 1948, waar rebellen van het Indonesische leger zich genesteld hadden en van hieruit aanvallen op kampongs uitvoerden.

Spier (dan in de rang van eerste luitenant) en zijn troep kregen in april 1949 te Subang het Ereteken voor Orde en Vrede uitgereikt. Het peloton, bestaande uit 225 man, stond aangetreden op de aloon-aloon en werd toegesproken door kolonel J.A.W. Uylenberg, commandant van de Tweede Infanterie Brigade Groep. Later werd Spier voor zijn activiteiten onderscheiden met de Bronzen Leeuw.

Strijd in Korea

Spier keerde in december 1950 per troepentransportschip "Zuiderkruis" naar Nederland terug en werd op 1 mei 1952 bevorderd tot kapitein, ingedeeld bij de Koninklijke Landmacht (Koninklijk Besluit van 29 mei 1954 nummer 24). Op het stadhuis kreeg hij in januari 1951 het Ereteken voor Orde en Veiligheid uitgereikt.

Op 27 mei van het jaar daarop vertrok Spier, in de functie van comandant van een groep van 25 man, ter versterking van de gelederen van het Nederlands detachement Verenigde Naties, naar Korea. Voor zijn verrichtingen aldaar ontving hij in november 1953 in Oirschot uit handen van de Amerikaanse zaakgelastigde in Nederland William C. Trimble, de Bronzen Ster van Verdienste. Een van de manschappen van Spier in Korea was Anton Muskita, die later zeer lovend over hem sprak.

Militaire Willems-Orde

Spier verkreeg bij Koninklijk Besluit van 14 mei 1955 nummer 20 de Militaire Willems-Orde voor de taken die hij verricht had als commandant van de "Afdeling Speciale Troepen Groep Spier" in het tijdvak augustus 1947 tot en met halverwege 1949 op West-Java. Het nieuws dat hij was benoemd tot ridder in de Militaire Willems-Orde vernamSpier20met20Prins20Bernhard1 hij uit de krant, toen hij de Dagorder nog niet gezien had.

Spier noemde als basis van het succes dat hij en zijn troepen tijdens de Politionele Acties behaalden de trouw van de Speciale Troepen. Een voorbeeld daarvan dat hij aanhaalde was de enige Nederlandse soldaat bij de Troepen, Vlissinger J. Schout. Nadat deze hersteld was van zware verwondingen trok deze er direct weer op uit met de manschappen.

Spier werd in juli 1955, samen met kapitein Johan Ulrici,  voor het front van de troepen in Vught door Prins Bernhard tot ridder in de Militaire Willems-Orde geslagen.

Latere loopbaan

Spier werd op 16 maart 1960 bevorderd tot majoor en werd nadien als VN-waarnemer naar Syrië gezonden en was werkzaam voor de Supreme Headquarters Allied Powers Europe. In juni 1964, Spier was toen werkzaam als commandant van de rijschool der infanterie in VeSpier20tijdens20het20huwelijk20van20zijn20zoon1nlo, haalde hij weer de krant toen hij zich openlijk beklaagde over het gebrek aan rijervaring van dienstplichtige chauffeurs door bezuinigingen. Een van zijn uitspraken was: "een dienstplichtig chauffeur zit met zijn rechtervoet op het gaspedaal en met zijn linker staat hij bij de Krijgsraad".

Dat leverde hem bijna een ontevredenheidsbetuiging op. Die kreeg Spier van zijn commandant omdat deze de indruk had gekregen dat Spier tegenover verslaggevers kritiek had uitgeoefend op maatregelen die van hogerhand waren gekomen. Staatssecretaris van Defensie, J.C.E. Haex, trok de ontevredenheidsbetuiging later in. Op 27 april 1967 werd Spier  bevorderd tot luitenant-kolonel en op 26 april 1974 eervol uit de militaire dienst ontslagen.

Nawoord

Spier was later betrokken bij de Stichting Herdenking Veteranen. Hij begreep niet dat er steeds geprobeerd werd een smet te werpen op oud-Indiëstrijders. "In iedere oorlog gebeuren zaken die niet door de beugel kunnen. Elke gewonde, Nederlands, Indisch, man, vrouw of kind werd steeds door ons meegenomen en naar het ziekenhuis gebracht. Altijd heb ik mijn troepen ingepeperd: er wordt niet gestolen of verkracht. Je gedraagt je correct. Want daarmee geef je een visitekaartje af." 

En inzake deserteur Poncke Princen zei Spier: "Aan een ontvoering had ik best willen meewerken. Hem met een auto over de grens brengen en hem daar in zijn dooie eentje achterlaten. Ter dood veroordelen en hem executeren, dat is een moeilijke zaak, he. Dat kun je juridisch niet waarmaken. Maar hem kidnappen en met een harde schop het land uit trappen? Graag."

Onderscheidingen

  • Militaire Willems-Orde, Ridder 4e klasse (K.B. 14 mei 1955)
  • Bronzen Leeuw (ingetrokken bij opname in register MWO)
  • Oorlogsherinneringskruis, met 1 gesp
  • Verzetsherdenkingskruis 1940-1945
  • Ereteken voor Orde en Vrede, met 4 gespen
  • Kruis voor Recht en Vrijheid, met 1 gesp
  • Herinneringsmedaille VN-Vredesoperaties
  • Officierskruis, met getal XXV
  • Herinneringskruis 1940-1945 van het Nederlandse Rode Kruis
  • Vierdaagsekruis, met getal 2
  • United Nations Korea Medal United Nations Truce Supervision Organization
  • Medal Bronze Star Medal (Verenigde Staten) Korean War Service Medal (Zuid-Korea)

Bronvermelding

  • 1931. Passagiers. In: Het Vaderland, 21 juli 1931
  • 1949. Groep Spier onderscheiden. In: Het Nieuwsblad voor Sumatra, 11 aprl 1949
  • 1950. Zij komen terug. In: Het Vrije Volk, 23 december 1950
  • 1951. Eretekenen op het Stadhuis aan velen uitgereikt. In: Het Vrije Volk, 5 januari 1951
  • 1951. Weer Nederlandse Vrijwilligers naar Korea. In: De Tijd, 10 mei 1952
  • 1953. Amerika huldigt Korea-vrijwilligers. In: Het Vrije Volk, 20 november 1953
  • 1955. Kapitein T.E. Spier, ridder MWO. In: De Tijd, 9 juni 1955
  • 1955. Kapitein Spier, ridder MWO, vernam zijn benoeming uit de krant. In: De Telegraaf, 10 juni 1955
  • 1955. Twee ridders MWO geslagen. In: Nieuwsblad van het Noorden, 12 juli 1955
  • 1964. Onderzoek naar beweringen majoor Spier. In: De Leeuwarder Courant, 15 juni 1964
  • 1964. Chef Militaire Rijschool werd onbevoegd berispt. In: Friese Koerier, 30 juli 1964.
  • Genealogie Tivadar Emile Spier
  • Jas met barette gedragen door Spier
  • De Princenjagers
  • Spier op het Onderscheidingenforum

 [ Terug ]

 

f t