afb. 36. N.F.E. von Gumoens


Zie ook: het fotoalbum van de Belgische Opstand


Familie

Nicolaas Emanuel Frederik von Gumoëns (Orbe, 19 april 1790 - Antwerpen, 28 december 1832) was de zoon van Sigismund Emmanuel von Gumoëns (1753-1798). Deze werd op 12 april 1780 bevorderd tot luitenant-kolonel en met ingang van 15 oktober 1787 benoemd tot kolonel. Datzelfde jaar keerde hij terug naar Zwitserland, waar hij tijdens een oproer in 1798, hij was intussen in 1796 gepensioneerd, werd vermoord.  

De grootvader van Nicolaas Emanuel Frederik von Gumoëns was generaal Nicolaas Théodore von Gumoëns (1730-1800), generaal-commandant van een Regiment Zwitsers (rond 1787-1790), dat zich vooral in de Postenoorlog (1793) in Vlaanderen bijzonder onderscheidde.  

Vroege jaren

Von Gumoëns werd opgevoed door een familielid, de advocaat F. von Müllinen, en verkreeg zijn opleiding aan de militaire genieschool (Keizerlijke Ingenieurs Academie) in Wenen. Death of Cyprian Godebski at the Battle of Raszyn 1809 by January Suchodolski 1855

In  1805 werd hij, in de rang van vaandrig, ingedeeld bij het regiment van de Prins van Ligne. Met deze eenheid nam hij deel aan de veldtochten in 1805 en 1806.

Von Gumoëns was ook actief tijdens de strijd in Polen in 1809, met name in de veldslagen, onder het bevel van aartshertog Ferdinand, bij Raschin en Jedlinsko. Iets onder Warschau, te Villanov, dreigde hij door de vijand omsingeld te worden. Om aan dit lot te ontsnappen sprong Von Gumoëns in een regen van kogels in de Weichsel. Wegens zijn dappere gedrag bevorderde men hem kort hierop tot luitenant der Grenadiers. 

Reis door Europa en andere verwikkelingen

Nadat de Vrede van Wenen en het bondgenootschap van Oostenrijk met Frankrijk gesloten was nam Von Gumoëns ontslag uit de militaire dienst en vertrok naar Spanje. Op de reis daar naar toe, waarbij hij Hongarije, Slovenië, Bosnië en Roemenië doortrok, ontmoette hij aartshertog Frans, de broer van aartshertog Ferdinand, onder wie hij in Polen gediend had,  bij de haven van Salonica.Charles William Doyle

Van hier reisden de mannen door naar Smyrna en vervolgens naar Ephese, Pergamus, Malta, Sicilië en Cagliari, om daarna, in 1811, via Gibraltar naar Kadix te trekken. Zij arriveerden daar op het moment dat deze stad door Franse troepen belegerd werd. 

Von Gumoëns werd nu door het regentschap in de rang van kapitein in dienst genomen en kreeg de taak een nieuw korps, onder bevel van de Engelse generaal Charles Doyle, op te richten. Tijdens het beleg van Kadix benoemde Doyle hem, mede dankzij zijn verdiensten in de strijd geleverd, tot zijn adjudant.  

Toen het beleg beëindigd was verzocht Von Gumoëns toestemming met de troepen naar de Engelsch-Spaanse armee, die zich toen aan de kust van de Middellandse Zee bevond, te trekken. 

Die toestemming kreeg hij en men benoemde hem tot adjudant van commandant van de staf der voorhoede kolonel Frederick Adam. In deze functie nam Von Gumoëns deel aan de strijd in Valencia en Catalonië. Gevechten waarbij hij tegenwoordig was waren die bij Tarragona, de vesting Balaguer, Ordal en Villa Franca. 

Strijd te Ordal

In de nacht van 12 op 13 september 1813 geraakte het voorste gedeelte van het leger te Ordal in een gevecht met de manschappen van de hertog van Albutera.800px Sir Frederick Adam by William Salter Tijdens deze strijd wist Von Gumoëns de voorhoede van 2.400 manschappen te redden.Toen hij namelijk bemerkte dat een Calabrisch korps in Engelse dienst en een Spaanse eenheid per ongeluk op elkaar vuurden drong hij tot tweemaal toe door de rangen  heen om hieraan een einde te maken. 

Op een gegeven moment zag Von Gumoëns veldontdekkers van het 44ste Franse Regiment van Linie, die de Calabriërs trachtten wijs te maken dat zij Spanjaarden waren. Hij waarschuwde zijn makkers en viel zelf onmiddellijk de eclaireurs aan. Uiteindelijk werd de vijand hierdoor gedwongen te retireren. 

Omdat kolonel Adam zwaar gewond raakte nam Von Gumoëns het bevel over diens korps, dat zwaar gehavend was, over. Deze eenheid leidde hij via omwegen en over bergpassen veilig naar Tarragona terug. Nadat de veldtocht in Catalonië afgelopen was vroeg en verkreeg hij, in de rang van luitenant-kolonel, eervol ontslag uit de dienst en volgde in de functie van stafofficier lord William Bentinck naar Italië. 

Nadat de vrede in Parijs gesloten was keerde Von Gumoëns, met een verklaring van het Engelse leger dat hij wegens zijn dapperheid en beleid bij Ordal de bewondering van de Engelse en Spaanse krijgslieden, van soldaat tot generaal, had opgewekt, terug naar zijn geboorteland. 

In Nederlandse dienst

Von Gumoëns bereikte Zwitserland uiteindelijk pas in 1815, waar hij in de functie van hoofd van de algemene staf van de Eerste Divisie in het bondsleger werd ingedeeld. Nadat Napoleon verslagen was trad hij met ingang van 10 januari 1816 in de rang van majoor bij de generale staf in Nederland in dienst. Belgische opstand

Enige maanden later werd hij bij de staf van de kwartiermeester-generaal overgeplaatst. In die postitie kreeg hij de leiding over de verkenningen in de militaire afdeling tussen de Schelde en de Maas. 

Von Gumoëns werd in december 1826 bij de generale staf bevorderd tot luitenant-kolonel. In deze rang nam hij, bij het uitbreken van de Belgische Opstand, deel aan de gevechten rond Brussel. Op 23 september 1830 zond Prins Frederik der Nederlanden hem als parlementair naar de regering in Brussel, waar hij een gerede kans liep door een woedende menigte te worden vermoord. Men nam hem inderdaad gevangen en hij kwam pas op 18 oktober op zijn erewoord vrij.

Hij vervoegde zich toen direct bij de Prins van Waterloo en werd bij Koninklijk Besluit van 16 november 1830 nummer 59 voor al zijn verrichtingen benoemd tot ridder in de Militaire Willemsorde vierde klasse. Dit alles was naar aanleiding van het volgende: Ter nagedachtenis aan Nicolaas Emanuel Frederik von Gumoëns

Formeel werd Von Gumoëns met een toelichting van Prins Frederik naar Engeland afgevaardigd om de Hertog van Wellington om hulp te verzoeken. In de brief van de Prins stond verder dat de Koning aan de Prins van Waterloo "die hulp verzocht welke deze nodig en mogelijk achtte". Door de inlichtingen van Von Gumoëns zou de hertog een juiste kennis krijgen van "de plaatsen die wij nog bezetten en zullen trachten te behouden en verdedigen."

Van deze taak kweet  Von Gumoëns zich op 4 november 1830. Hij stelde de hertog mondeling met de inhoud van het uitvoerige memorandum in kennis en overhandigde het document uiteindelijk ook aan de gezant in Londen. 

Belgische Opstand

Aan het begin van het jaar 1831 was Von Gumoëns eindelijk ontslagen van de verplichtingen die hij te Brussel op zijn erewoord had aangegaan en voegde zich de 25ste januari bij de staf van de Opperbevelhebber der Citadel van Antwerpen. Siège de la citadelle dAnvers 22 décembre 1832

Hij maakte zich hier onder meer nuttig door de moeilijkheden met de militaire autoriteiten van Antwerpen op te lossen en door de briefwisseling met diplomatieke agenten van Frankrijk en Engeland soepel te laten verlopen. 

Op 29 juli 1831 werd Von  Gumoëns bevorderd tot kolonel bij de staf. In de maand augustus van dit jaar maakte hij onderdeel uit van de colonne die, onder leiding van luitenant-kolonel Naudascher, belast was met de vermeestering van de vijandelijke batterijen die waren aangelegd in de nabijheid van de Citadel. Hij werd hiervoor eervol vermeld.

In de maanden daarna was Von  Gumoëns in de functie van adjudant van de Prins van Oranje actief en vervulde hij voor zijn superieur tal van diplomatieke missies. Op zijn uitdrukkelijke verzoek verkreeg hij na enige tijd echter toestemming zich weer bij zijn makkers en  generaal Chassé  op de Citadel van Antwerpen te voegen. 

Von Gumoëns stond op de Citadel vooral bekend als een onverschrokken officier die er bepaald slag van had zijn soldaten in het vuur in hun eigen taal aan te moedigen. 

Dood van Von Gumoëns

Von Gumoëns bevond zich eind december 1832 op de rechterflank van Bastion I die, met de bedoeling het Nederlandse vuur op die flank te beëindigen, beschoten werd door een contre-batterij. Citadel van Antwerpen

Een van de kogels schoot door de schietgaten, sloeg dwars door een affuit en verbrijzelde een rad. Dit rad versplinterde en een velg daarvan sloeg tegen de benen van Von Gumoëns aan, waardoor deze gewond raakte.

Die verwondingen leken in eerste instantie niet zeer ernstig. Von Gumoëns werd naar het hospitaal in Antwerpen getransporteerd, waar hij zware koortsen en "de klem in de mond" (tetanus) kreeg. Zes dagen later overleed hij. 

Het stoffelijk overschot van Von Gumoëns werd de dertigste december om half tien 's avonds door luitenant-ter-zee Blommestein per stoomboot  naar Bergen op Zoom getransporteerd.

Aldaar werd  Von Gumoëns met militaire eer en in het bijzijn van onder meer de opperbevelhebber van die vesting, luitenant-generaal baron van der Capellen, begraven, in de ochtend van de 31ste december 1832, met de aan zijn rang verschuldigde eerbewijzen.

In Den Bosch vond in januari 1833 de openbare verkoop van de drie rijpaarden, waaronder een merrie van Hoijards en een ruin van Mecklenburgs ras, en diverse paardentuigen van De Gumoëns plaats. De generale staf van het leger doneerde een aanzienlijke bijdrage voor de oprichting van een grafnaald ter ere van Von Gumoëns. 

Zie ook

f t