Onze jongens in Indie


  • Johannes Cornelis Kettenis, geboren op 13 oktober 1927 te Leiden en overleden op 29 juli 1949 te Srengat (Wmr. 2-2 RH Boreel)
  • Antonius Christiaan Jacobs, geboren te Mil op 17 september 1927 en overleden op 29 juli 1949 te Srengat (Huz. Ekl. 2-2 RH Boreel)

Op 29 juli 1949 reed een fouragekonvooi met een Huzarenescorte naar Kediri-Blitar en Trenggalek. De commandant van het Blitarkonvooi was wachtmeester Kettenich; dit konvooi bestond uit een gepantserde 1.500 weight, daarachter de drietonners, een jeep en de achterhoede.  Bij Karanggajam ontplofte een trekbom, waardoor de voorste wagen werd opgetild en op de kant in een enorme trechter werd geslagen. Deze klap werd direct gevolgd door een hevig mitrailleur- en karabijnvuur.

Opvolgend commandant W.J.A. van Workum begon ondersteuning te verlenen en bemerkte dat Kettenis en Jacobs, vastgeklemd, niet meer leken te leven. Andere beknelden konden worden bevrijd en onder bevel van Van Workum werd het vuur van de vijand beantwoord. De doden werden afgevoerd naar Toeloengagoeng; Van Workum kreeg later de Bronzen Leeuw voor zijn dappere gedrag tijdens deze aanslag.  Kettenis en Jacobs werden begraven op Ereveld Kembang Koening te Soerabaja.


Zie ook:

Bronvermelding

  • 2009. J.A.C. Bartels. Tropenjaren. Ploppers en patrouilles. Het dienstplichtige tweede eskadron Huzaren van Boreel in Nederlands-Indië. 1947-1950. De Bataafse Leeuw. Amsterdam.

[ Terug ]

 

f t