Carel Hendrik Cranenburg


Familie

Carel Hendrik Kranenburg (Huizen, 25 augustus 1917 - nabij Modjokerto, 17 maart 1947) was de zoon van Ferdinand Kranenburg (1870-1949), meester in de rechten, en Eleanor Gertrud Howell (1881-1956). Naast Carel Hendrik had het echtpaar nog twee zoons, waarvan ook John Walter (1914-1943), op jonge leeftijd stierf. 

Hij overleed op 29-jarige leeftijd aan boord van de Suez Maru ten tijde van de bezetting van Nederlands-Indië door Japan. De derde zoon, Ferdinand, overleefde de periode 1942-1950. 

Het vroege overlijden van twee van zijn drie zoons vervroegde de sterftedatum van de vader van Kranenborg aanzienlijk.  

Tweede Wereldoorlog in Nederland

Kranenburg slaagde in 1937 voor zijn eindexamen Gymnasium-A in Den Haag. Hij was een fervent golfer die aan diverse wedstrijden meedeed en won. Hij volgde hierna de cavalerie-opleiding in Amersfoort. Kranenburg reisde in 1938 af naar Hongarije om daar Graf Hamel als reserve-officier deel te nemen aan de strijd tegen Duitsland. 

Vlak voor de uitbraak van de Tweede Wereldoorlog keerde hij naar Nederland terug. Ten tijde van de Duitse  inval was hij aangesteld als commandant van het Derde Eskadron, Eerste Regiment Huzaren. Na een korte gevangenname door de Duitsers werd hij op 9 juni 1940 weer vrijgelaten. 

Kranenburg sloot zich aan bij het verzet, waar hij de bijnaam "Huzaar" verwierf. In de nacht van 13 oktober 1940 werden Kranenburg, Lodewijk van Hamel, Hans Hers, Marion Smit en Lourens Baas Becking, die door een watervliegtuigje zouden worden opgehaald en naar Engeland gevlogen, door de Duitsers opgepakt. Zij lieten Kranenburg op 16 april 1941 weer vrij. 

Kranenburg diende de resterende tijd van de Tweede Wereldoorlog als officier en pelotonscommandant bij de Binnenlandse Strijdkrachten in Amsterdam. 

Strijd in Nederlands-Indië 

Na de bevrijding werd Kranenburg gedetacheerd bij het Korps Mariniers. Zijn verdere opleiding volgde hij in Schotland en de Verenigde Staten (Camp Lejeune). Hij reisde op 17 november 1945, in dienst bij Cranenburg overledende Landmacht maar gedetacheerd bij de Marine, met de M.S. Noordam II naar Nederlands-Indië. 

Kranenburg nam deel aan de Eerste Politionele Actie als commandant van de pantserspits in Operatie Voorloper. Zijn peloton trok op 17 maart 1947 langs Modjosari en Modjokerto naar de gesaboteerde sluizen bij Lengkong. 

De eenheid bestond uit een groep die was samengesteld uit 120 voertuigen. De opdracht was zo snel mogelijk naar Lengkong door te rijden en daar bij verrassing de sluizen te bezetten voordat de vijand ze kon vernielen.

Het stootpeloton zuiverde eerst de weg die voor Modjokerto gelegen was. Er werden 40 vliegtuigbommen, die de T.R.I. er onder het wegdek neergelegd had, verwijderd. 

Op maandag 17 maart 1947 omstreeks 12.00 uur reed de pantserspits bij Modjosari over de door de genie nieuw gelegde brug. Deze spits bestond uit 3 pantserwagens, een jeep en vijf halftracks (voorstuk vrachtauto, achter een pantserbak op rupsbanden). 

Tijdens het rijden werd de spits van weerszijden van de weg beschoten. Eenmaal op de grote weg naar Modjokerto aangekomen, ter hoogte van Djampirigo, nam het vuur van de vijand toe en naderde een groep motoren de spits. 

Dood en begrafenis van Kranenburg

In de tweede pantserwagen boog Kranenburg voorover uit zijn koepel en schoot met zijn tommy gun. Hij zakte echter onverwachts in elkaar, bleef even hangen en viel toen terug in de pantserwagen. De andere schutter bemerkte op dat moment dat er bloed vloeide kranenburgch2005 en liet de chauffeur stoppen. 

Kranenburg had niet geleden omdat de sniper dwars door zijn helm had geschoten en hij op slag dood was. Zijn manschappen trokken zijn lichaam uit de wagen en legden het stoffelijk overschot achterop. Luitenant D.J. Vos (liason-officier van de Luchtmacht) nam vervolgens het commando over. 

Via Modjokerto bereikte men uiteindelijk Lengkong. Toen de avond viel begroeven de manschappen Kranenburg en twee andere gesneuvelde mariniers, aldaar.

"Er stonden nu drie kruisen in de schemer van een schaduw groene kampong met het geruis van de sluizen op de achtergrond".  

Kranenburg werd later herbegraven op het Nederlands Ereveld Kembang Koening in Soerabaja.


Lees meer over deze periode in: 1947. J.W. Hofwijk. De hitte van de dag. Onze soldaten in Indonesië. Uitgeverij de Toorts. Heemstede.  J.W. Hofwijk was een pseudoniem van Willy Kint

 

f t