Afdrukken
Gegevens: Hoofdcategorie: 1942-1950. Acties in Nederlands-Indiƫ Categorie: Officieren, kaderleden en manschappen actief tijdens de Politionele Acties | Gepubliceerd: 21 april 2020

 

Jacobus


Jeugdjaren

Theo Joan Anton Jacobs ( Blaricum, 9 februari 1926 - Apeldoorn, 7 april 2016) was de zoon van Antonius Jacobs en Siske Brandsma. Na de lagere school trad hij in 1940 in dienst bij de Willem Smit Transformatorenfabriek in Nijmegen. Tijdens de Tweede Wereldoorlog bracht hij met paard en wagen fruit en aardappelen (de handel van zijn vader) naar klanten. In 1944, na het bombardement op Nijmegen, transporteerde Jacobs de lijken van slachtoffers naar het mortuarium. 

Na de oorlog, eind juli 1945, meldde hij zich als Oorlogsvrijwilliger (OVW'er) en werd ingedeeld bij het bataljon 2-13 Regiment Infanterie (RI) Limburgse Jagers in Niederkrüchten. Het bataljon werd ingedeeld bij de 9th US Army. De taak die de eenheid opgedragen kreeg was de bewaking en bezetting van het gebied rond München-Gladbach. 

Naar de Oost

Het bataljon 2-13 RI reisde in september 1945 naar Engeland, waar het in Aldershot van wapens, munitie en andere zaken werd voorzien. Half oktober 1945 werd 2-13RI  in Liverpool ingescheept op ms Alcantare en naar Malakka overgebracht.  In deze periode gold namelijk (vanaf 2 november) nog het landingsverbod op Java en Sumatra, ingesteld door Admiraal Mountbatten van het South East Asia Command. (SEAC).

Toen in maart 1946 dit verbod eindelijk werd opgeheven kon het 2-13 Regiment Infanterie naar Semarang overgebracht worden.  Aldaar werd het gelegerd te Djatingaleh, met als taak de de zuidelijke toegangswegen en het gebied ten oosten van Semarang te controleren. Op 1 april nam de eenheid deel aan de actie "Primeur", gevolgd door de overname van de Engelsen van de strategische post Gombel. 

Diverse acties

In augustus 1946 leverde het bataljon tot twee maal toe strijd met de vijand, die in massa Semarang aanviel. Na deze overwinning bezette 2-13 RI, tijdens de "Actie Lekas" het terrein ten zuiden en oosten van Semarang. 

Het aantal posten bestond op dit moment uit die te Djalingaleh, Djangli, Karangredjo, Srondol en de Gombel. Samen met 2-6 Ri nam het 2-13 RI deel aan diverse acties in het gebied dat het westfront vormde. 

Jacobs verliet half oktober 1946 het bataljon 2-13 RI om zich bij de School Opleiding Parachutisten aan te melden. Zijn paracommando-opleiding volgde hij tussen maart 1946-maart 1947 op Nieuw-Guinea. Na terugkeer werd Jacobs in de rang van parachutist-ziekenverpleger onder luitenant Antonietti ingedeeld bij de Eerste Paracompagnie, Troep IIte Bandoeng.

Tijdens de Eerste Politionele Actie (vanaf 20 juli 1947) werd de Eerste Paracompagnie ingezet in de streek rond Lawang en Malang. Jacobs onderscheidde zich in deze periode door zijn moedige gedrag, waarvoor hij later voorgedragen werd voor het Bronzen Kruis. 

Bronzen Kruis 

Aan Jacobs werd bij Koninklijk Besluit van 23 februari 1950 nummer 43 het Bronzen Kruis toegekend. Dat was omdat hij zich op 26 septemer 1947 als ziekenverpleger tijdens de aanval op het hoofdkwartier van een vijandelijke bende te Toempang een zwaargewonde brenschutter onder het oog van de vijand had weten te redden. Jacobs moest een afstand van zeventig meter onder vuur van de vijand afleggen om de brenschutter, die zich in de voorste aanvalssectie bevond, te bereiken. 

Ter plaatse verleende hij de getroffen soldaat direct medische hulp, waarbij hij moed, hoge plichtsbetrachting en offervaardigheid aan de dag legde.   

 

Jacobs was betrokken bij de oprichting van de eerste Para-Compagnie

Overlijden en decoraties

Jacobs overleed in april 2016 op 90-jarige leeftijd. Zijn uitvaart vond, met militaire eer, plaats in Ugchelen. 

Hij was drager van het Bronzen Kruis, het Ereteken van voor Orde en Vrede met de gespen 1946, 1947, 1948 en 1949 en het Draaginsigne Veteranen. Binnen de Vereniging Dragers Militaire Dapperheidsonderscheidingen verrichtte hij vele activiteiten. 

Zie ook

Theo Jacobs in 2015 op Bronbeek. Film: Frits Ahlrichs.