Bij de stand van het Cavaleriemuseum

 


 Fotografische Dienst Militaire Politie

Ted Veenstra (Weesp, 05-08-1926) volgde een opleiding tot fotograaf en was werkzaam bij Theater Tuschinski, toen hij, na de Tweede Wereldoorlog, uitgezonden werd naar Nederlands-Indië.  Men deelde hem in bij een onderdeel van de Militaire Politie, de Fotografische Dienst te Jakarta, hoewel Veenstra ook enige tijd werkzaam was op Sumatra. 

Veenstra werd met name ingezet als er doden waren gevallen of men manschappen, die door toedoen van de vijand vermist werden, terugvond. Soms trof men de lijken van Nederlandse soldaten, begraven en wel, pas na dagen aan. In alle gevallen moest Veenstra dan foto's maken, afbeeldingen die als illustratie dienden bij de formele rapportages. kol

Dat was niet altijd een prettig karwei omdat lijken in het tropische klimaat snel ontbinden en lucht en aanblik soms moeilijk te bevatten waren.

Zelfmoorden als "dienstongeval" genoteerd

De militaire administratie was daarnaast niet altijd correct omdat veel zelfmoorden geboekt werden als "ongevallen met wapens" of "dienstongevallen".  In dergelijke omstandigheden was, onder de jongens van de Fotografische Dienst, galgenhumor niet ver te zoeken: "We hebben leuk werk af en toe, maar het is soms wel een dode boel!" 

Zelfmoorden met een dienstwapen waren soms zo bloedig dat een dienstdoende luitenant, ondanks een waarschuwing van Veenstra, toch ging kijken en bij de aanblik van het slachtoffer flauwviel. Alle foto's, die Veenstra en zijn collega's gemaakt hebben, werden na de souvereiniteitsoverdracht vernietigd: verbrand of bekrast.  Vandaar dat het soms zo vruchteloos zoeken is naar foto's van gesneuvelde Nederlandse militairen in de Oost uit de periode 1945-1950. 

Na terugkeer in Nederland kreeg Veenstra weer een baan als fotograaf. Hij was op 9 juni 2018, 91 jaar oud,  present bij de regionale veteranendag van Gooise- en Wijdemeren, Weesp en Hilversum.  Op de foto staat hij bij de presentatie van het Cavaleriemuseum


 

f t