Ster inactiefSter inactiefSter inactiefSter inactiefSter inactief
 

Jeekel majoor


 Familie

Christiaan Antoon Jeekel (Den Helder, 30 december 1866-Heemstede, 24 april 1927), luitenant-kolonel der infanterie, later tijdelijk inspecteur der directe belastingen, was de zoon van Christiaan Antoon Jeekel (1839-1885) en Hermine Caroline Mijnssen (1841-1925).

Jeekel trouwde in 1895 met Ottoline Johanna Vreede. Het echtpaar kreeg vier kinderen, waaronder Marineofficier Christiaan Antoon Jeekel (1909-1941). Dochter Cato Ottoline (1896) trouwde met Michaël Rudolph Hendrik Calmeyer (1895-). Zij waren de grootouders van de huidige chef-staf van de Inspecteur-Generaal der Krijgsmacht kolonel Willem Simco Michael  Calmeijer Meijburg.

Vroege loopbaan

Jeekel volgde vanaf 1884 de opleiding der infanterie aan de Koninklijke Militaire Academie en weIngang KMA waarvan Borel gouverneur wasrd in augustus 1888 benoemd tot tweede luitenant, ingedeeld bij de derde compagnie, derde bataljon van het zesde regiment infanterie te Breda.Niet lang hierop werd hij bevorderd tot eerste luitenant.

Hij maakte in oktober 1894, samen met ritmeester der cavalerie J.A. baron van Heerdt en tweede luitenant der cavalerie H.C. de Waal, deel uit van het geleide van de per 17 november 1894 per Burgemeester Den Tex naar de Oost vertrekkende suppletietroepen. Die hadden een sterkte van 100 korporaals en manschappen en zes onderofficieren. Met hen reisde hij mee naar Batavia, Indië.

Detachering bij het KNIL

Jeekel werd aldus voor de duur van vijf jaar gedetacheerd bij het leger in Nederlands-Indië. Aldaar werd hij eerst geplaatst bij het tweede depotMonument voor de gevallenen in Bandjerbataljon en in mei 1895 overgeplaatst bij het zevende bataljon der infanterie. In februari 1896 werd hij geplaatst bij het elfde bataljon infanterie, standplaats Lombok, waar de Lombok-expeditie nog immer zijn weerslag had.

Jeekel werd in december van dat jaar van Lombok afgelost en ter beschikking van zijn dienstchef gesteld. Aldus vertrok hij op donderdag 14 januari 1897 van Lombok per Japara naar Java. Hij kreeg nu de opdracht naar de Zuider- en Oosterafdeling van Borneo te vertrekken, een plek waar zijn vader eens gestreden  en de Militaire Willems-Orde verworven had. Aldaar werd hij geplaatst bij het garnizoensbataljon.

Koninklijke Militaire Academie

Jeekel keerde begin november 1899 naar Nederland terug, waar hij ingedeeld werd bij het vijfde regiment infanterie. In januari 1901 werd hij tewerk gesteld bij de Koninklijke Militaire Academie en belast met de militaire opleiding der cadetten. Voor dit doel werd hij overgeplaatst bij de staf der infanterie.

Met ingang van 15 oktober 1903 werd hij bevorderd tot kapitein en in december 1908 kreeg hij het Onderscheidingsteken voor Langdurige Dienst als Officier met het cijfer XX uitgereikt. Jeekel, inmiddels weer werkzaam bij het zesde regiment infanterie, werd van 1 juni 1913 tot zijn benoeming tot majoor op 1 oktober van dat jaar gedetacheerd bij het derde regiment veldartillerie.

Opstand van het Harskamp-regiment

Jeekel werd na zijn bevordering tot majoor geplaatst bij het 19de regiment en in januari 1914 in de examencommissie voor toelating van jonge lieden aDe Nederlandse vlag en de hoofdwacht. Het kamp van 1899 gezien vanaf de officierskantinels cadet bij de Cadettenschool te Alkmaar benoemd, tevens tot examinator handtekenen. Hij werd bevorderd tot luitenant-kolonel en aangesteld als commandant van het eerste regiment infanterie (het Harskamp-regiment).

Van dit commando werd  hij in december 1918 ontheven. Volgens diverse kranten was hij "door de ongeregeldheden, waaronder muiterij, dusdanig zenuwziek geworden dat vier doktoren moesten worden ontboden" (De ongeregeldheden in de Harskamp. In: Nieuwsblad van het Noorden, 30 oktober 1918). De toestand was zeer ernstig gezien het feit dat het derde bataljon van het eerste regiment infanterie werd overgeplaatst van de Harskamp naar Ede en de overige bataljons werden ontwapend en bewaakt door andere troepen.

Latere loopbaan

Jeekel trad in 1919 aan als commissaris van NV Glasfabriek Leerdam, vh Jeekel, Mijnssen en Co.Overlijden Jeekel, mede gesticht door zijn vader.  Hij had inmiddels de militaire dienst verlaten en werd in februari 1920 tijdelijk belast met de betrekking van belastingadviseur en te werk gesteld bij de inspectie te Amsterdam.

Hij overleed op zestig-jarige leeftijd te Heemstede en werd ter aarde gelegd op begraafplaats Westerveld.


Bronvermelding

  • 1888. Besluiten en benoemingen. In: Algemeen Handelsblad, 27 juli 1888
  • 1894. Zee- en Landmacht. In: Algemeen Handelsblad, 24 oktober 1894
  • 1894. Land- en Zeemacht. In: De Tijd, 6 oktober 1894
  • 1895. Overgeplaatst. In: Java-bode, 4 mei 1895
  • 1896. Overplaatsingen. In: Java-bode, 8 februari 1896
  • 1896. Departement van Oorlog. In: Java-bode, 28 december 1896
  • 1897. Overplaatsingen. In: Java-bode, 2 januari 1897
  • 1897. Overplaatsingen. In: Algemeen Handelsblad, 24 februari 1897
  • 1899. Leger en Marine. In: De Telegraaf, 18 november 1899
  • 1901. Koninklijke Militaire Academie. In: Algemeen Handelsblad, 12 januari 1901
  • 1903. Uit de Staatscourant. In: Het Nieuws van de Dag, 12 oktober 1903
  • 1908. Benoemingen. In: Algemeen Handelsblad, 12 december 1908
  • 1913. Marine en Leger. In: Nieuwe Tilburgse Courant, 15 mei 1913
  • 1913. Zee -en Landmacht. In: Algemeen Handelsblad, 26 augustus 1913
  • 1914. Marine en Leger. In: Nieuwe Rotterdamse Courant, 17 maart 1914
  • 1918. De bevelhebber van het Harskamp-regiment. In: De Tribune, 4 december 1918
  • 1918. Muiterij in de Harskamp. In: De Volksvriend, 26 december 1918
  • 1919. De glasfabriek. In: De Telegraaf, 2 juni 1919
  • 1920. Belastingen. In: De Telegraaf, 5 februari 1920

[ Terug

f t

Login